Het Nederlands strafsysteem: de belangrijkste regels en valkuilen

by with Reacties uitgeschakeld voor Het Nederlands strafsysteem: de belangrijkste regels en valkuilen
maart 27, 2018

Afgelopen jaar werd het lichaam van Anne Faber, na een vermissing van ongeveer twee weken, gevonden. De jonge vrouw bleek door een misdrijf om het leven te zijn gekomen. De verdachte was een veroordeelde die ten tijde van zijn proefverlof het slachtoffer om het leven heeft gebracht. De verdachte bleek reeds veroordeeld te zijn tot een gevangenisstraf van twaalf jaar voor onder andere twee verkrachtingen met geweld in 2010. Hoe kan het dat daders van een misdrijf in sommige gevallen eerder terugkeren in de maatschappij en waarom is er toentertijd geen TBS opgelegd? In deze column geef ik een bondig overzicht van belangrijke regels omtrent veelvuldig voorkomende straffen en de ten uitvoerlegging daarvan.

 

De gevangenisstraf, de taakstraf en Terbeschikkingstelling (TBS)

Bij het opleggen van een straf is de rechter gebonden aan de wet. De wet bepaalt wat voor een straf wordt opgelegd. Daarnaast geeft de wet aan hoe zwaar een straf minimaal of maximaal kan zijn.

 

Een gevangenisstraf kan tijdelijk of levenslang zijn. Een levenslange gevangenisstraf is de zwaarste straf die Nederland kent. Hierbij kan gedacht worden aan misdrijven als moord of terrorisme,  extreme gevallen dus. Het is mogelijk dat een veroordeelde, na het uitzitten van twee derde van zijn straf, onder voorwaarden vervroegd kan vrijkomen. Door veroordeelden onder voorwaarden vrij te laten komen is het mogelijk hun gedrag te sturen en hen tegelijkertijd de mogelijkheid te bieden een nieuw leven op te bouwen in de maatschappij. Een voorbeeld van een voorwaarde is het verplicht volgen van een anti-agressietraining. Wat wel opmerkelijk is, is dat vervroegd vrijkomen ook mogelijk is bij een levenslange gevangenisstraf na het uitzitten van 27 jaar van de staf.

 

In bepaalde gevallen acht de rechter het van een groter algemeen belang om een taakstraf op te leggen dan een gevangenisstraf. Bij zware misdrijven is het niet mogelijk dat de rechter een taakstraf oplegt. Een taakstraf is een goed middel om verdachten zelfdiscipline aan te leren en contact met zwaardere criminelen, in de gevangenis, te voorkomen. De rechter kan een taakstraf ook combineren met een gevangenisstraf en een leerstraf.

 

Naast  een gevangenisstraf is het in bepaalde gevallen ook mogelijk dat de rechter terbeschikkingstelling oplegt, in de volksmond vooral bekend onder de naam ‘TBS’. De rechter kan deze maatregel  opleggen als het gaat om een verdachte die leidt aan psychiatrische problemen die geleid hebben tot het plegen van een bepaald delict. Daarnaast moet het gaan om een verdachte bij wie het risico om opnieuw de fout in te gaan hoog is. Voordat de rechter TBS oplegt worden de  voorwaarden, voor het opleggen van TBS, psychiatrisch onderzocht en zorgvuldig vastgesteld.

 

Eens per twee jaar wordt opnieuw bekeken of de TBS verlengd wordt. TBS naar aanleiding van een geweldsmisdrijf kan onbeperkt worden verlengd. Als de behandelend psychiaters denken dat zowel de maatschappij als de patiënt toe zijn aan een verantwoorde herintroductie in de maatschappij kunnen zij het Ministerie van Justitie en Veiligheid vragen om een verlof toe te staan. Als het begeleid verlof goed is verlopen, mag de tbs’er op onbegeleid verlof. Dit verlof duurt van enkele uren tot maximaal 6 overnachtingen. Voor iedere nieuwe stap bekijkt het behandeld team of de nieuwe stap verstandig en verantwoord is.

 

Als geen psychische stoornis is vastgesteld, kan in theorie alsnog TBS worden opgelegd, maar dat gebeurt vrijwel nooit. In veel gevallen heeft de rechter, zonder psychiatrisch onderzoek, niet genoeg informatie over de psychische gezondheid van de verdachte om TBS op te kunnen leggen. Zo ook niet bij de verdachte bij het misdrijf omtrent Anne Faber. De verdachte weigerde bij zijn eerdere veroordeling een psychiatrisch onderzoek. Hij kreeg om die reden destijds een gevangenisstraf opgelegd. Een verschil met TBS is dat een verdachte bij een gevangenisstraf vervroegd vrij kan komen onder voorwaarden en dat de straf op den duur af zal lopen, ongeacht of de veroordeelde klaar is voor een terugkeer in maatschappij of niet. De verdachte van het misdrijf rond Anne Faber verbleef in het kader van een traject om te wennen aan een terugkeer in de samenleving in een forensisch psychiatrische kliniek waarbij hij ten tijde van het misdrijf op proefverlof was.

 

De vraag is of het verplicht moet worden gesteld dat verdachten meewerken aan een psychiatrisch onderzoek als de rechter dit nodig acht. In bepaalde gevallen hebben verdachten namelijk meer baat bij een psychiatrische behandeling dan bij een gevangenisstraf. Echter, op dit moment, als verdachten een onderzoek weigeren, is de kans groot dat zij een gevangenisstraf krijgen in plaats van TBS.

 

Heeft u naar aanleiding van deze column nog vragen of heeft u andere juridische vragen, komt u dan gerust langs op een van onze inloopspreekuren. De actuele openingstijden vindt u op onze website www.rechtswinkeloss.nl. Daarnaast kunt u onze Facebook-pagina liken om op de hoogte te blijven van Rechtswinkel Oss.

Deze column is geschreven door Thom Neijzen. Thom is derdejaarsstudent rechtsgeleerdheid aan de Radboud Universiteit.

Comments are closed.